De dag wuift geel

IMG_6108

De dag wuift geel aan over al zijn gewassen, een zin uit The Waves van Virginia Woolf. Een mooie zin natuurlijk. Maar minstens zo mooi is de minutieuze aandacht die James Wood eraan besteedt in zijn boek Hoe fictie werkt. Ik citeer dus maar:

‘Ik ben verteerd door deze zin, voor een deel omdat ik niet echt goed kan verklaren waarom die me zo aangrijpt. Ik kan er de schoonheid en de vreemdheid van zien en van horen. De muziek ervan is erg eenvoudig. De woorden zijn eenvoudig. En de betekenis is ook eenvoudig. Woolf beschrijft het rijzen van de zon en het uiteindelijk vullen van de dag met zijn gele vuur. De zin betekent ongeveer zoiets: dit is zoals een korenveld eruit zal zien op een zomerse dag wanneer alles oplaait onder het zonlicht- een gele vlaggenparade, een zee vol bewegende kleuren. We weten precies en meteen wat Woolf bedoelt en we denken: dat kan niet beter worden uitgedrukt. Het geheim zit in de beslissing het gebruikelijke beeld te vermijden van het wuivende korenveld, en in plaats daarvan de dag wuift te schrijven: het resultaat is plotseling dat de dag zelf, het stof waarvan de dag gemaakt is doordrenkt lijkt van geel. En dat eigenaardige, op het oog onzinnige wuift geel ( hoe kan iets geel wuiven?) draagt een betekenis over dat de geelheid zo volledig de dag zelf heeft overgenomen dat ook onze werkwoorden erdoor in bezit zijn genomen- geelheid heef ons lichaam overgenomen. Hoe wuiven we? We wuiven geel. Dat is alles wat we kunnen doen. Het zonlicht is zo absoluut dat het ons bedwelmt, ons traag maakt, ons van onze wil berooft. Acht eenvoudige worden roepen kleur, hoogzomer, warmte, lethargie en rijpheid op.’

Aldus James. Een opwekkend en hoopgevend citaat voor warme en minder warme dagen!

Share on FacebookShare on LinkedInShare on Google+Tweet about this on Twitter